Veel vrouwen zien hun gynaecoloog niet meer na de overgang. Nochtans blijven controles en aandacht voor bepaalde klachten net dan belangrijk.
Na de laatste menstruatie verdwijnt voor veel vrouwen de gewoonte om regelmatig naar de gynaecoloog te gaan. Begrijpelijk, maar niet altijd verstandig: verschillende gynaecologische aandoeningen komen net op oudere leeftijd vaker voor, van verzakkingen en urineverlies tot baarmoeder- en eierstokkanker. Bovendien zijn veel van die problemen goed behandelbaar, ook op hogere leeftijd. Leeftijd is nooit een reden om klachten te aanvaarden als iets waar u maar mee moet leren leven.
Dit is de belangrijkste regel voor elke vrouw na de overgang: vaginaal bloedverlies dat optreedt nadat de menstruatie al minstens een jaar weg is, moet altijd onderzocht worden. Meestal is de oorzaak onschuldig, zoals een verdund slijmvlies of een poliep, maar in ongeveer een op de tien gevallen zit er baarmoederkanker achter. Net omdat dit type kanker zich vroeg verraadt via bloedverlies, is het bij tijdig onderzoek vaak goed te behandelen. Wacht dus niet af, ook niet bij een klein beetje bloed of bruine afscheiding. Lees meer op de pagina over bloedverlies na de menopauze.
Naar schatting krijgt bijna de helft van de vrouwen die kinderen kregen ooit te maken met een verzakking van blaas, baarmoeder of darm. Typische signalen zijn een zwaar of drukkend gevoel vanonder, het gevoel dat er iets uitzakt (vooral op het einde van de dag), en moeilijker plassen of stoelgang maken. Ook urineverlies komt bij oudere vrouwen erg vaak voor, maar wordt uit schaamte zelden spontaan gemeld. Onterecht, want er bestaan doeltreffende behandelingen: bekkenbodemkinesitherapie (gedeeltelijk terugbetaald via het RIZIV), een pessarium (een ringetje dat de verzakking opvangt), medicatie en zo nodig een ingreep. De gynaecoloog bekijkt samen met u wat past bij uw situatie en conditie.
Door het wegvallen van oestrogeen wordt het vaginale slijmvlies dunner, droger en kwetsbaarder. Dat kan leiden tot jeuk, irritatie, pijn bij het vrijen en terugkerende blaasontstekingen. Ook hier geldt: dit is geen fataliteit. Lokale oestrogenen in de vorm van een crème, ovule of ring werken goed en zijn veilig voor de meeste vrouwen, ook op hogere leeftijd, omdat ze nauwelijks in het bloed worden opgenomen. Vochtinbrengende gels en glijmiddelen zijn een alternatief zonder hormonen. Durf dit ter sprake brengen: voor uw gynaecoloog is het een alledaags onderwerp.
De Vlaamse bevolkingsonderzoeken hebben een leeftijdsgrens: het onderzoek naar baarmoederhalskanker loopt tot en met 64 jaar, de gratis screeningsmammografie tot en met 69 jaar. Die grenzen betekenen niet dat het risico daarna verdwijnt, wel dat systematisch screenen bij klachtenvrije vrouwen boven die leeftijd minder opbrengt, zeker als de vorige onderzoeken normaal waren. Bespreek met uw huisarts of gynaecoloog wat voor u nog zinvol is, bijvoorbeeld wanneer u nooit of onregelmatig gescreend werd. En blijf alert voor signalen: bloedverlies, een opgezwollen buik, aanhoudende buikpijn of een knobbeltje in de borst verdienen op elke leeftijd een onderzoek. Meer over het uitstrijkje en de leeftijdsgrenzen leest u bij het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker.
Deze informatie is algemeen en vervangt geen persoonlijk advies. Raadpleeg altijd uw gynaecoloog of huisarts voor advies op maat.
Hebt u een klacht die u al te lang voor u uit schuift? Vind een gynaecoloog bij u in de buurt →