Pijn tijdens of na het vrijen komt vaker voor dan u denkt en heeft bijna altijd een aanwijsbare, behandelbare oorzaak.
Dyspareunie is de medische term voor aanhoudende of terugkerende pijn bij het vrijen. De pijn kan oppervlakkig zijn (aan de vaginale opening, bij het binnendringen) of dieper in het bekken gevoeld worden, tijdens of na de gemeenschap. Naar schatting krijgt één op de tien tot één op de vijf vrouwen er in een bepaalde levensfase mee te maken. Belangrijk om te weten: pijn bij het vrijen is nooit "normaal" en zelden iets dat u gewoon moet verdragen. Er is bijna altijd een oorzaak te vinden, en dus ook een behandeling.
De oorzaken zijn uiteenlopend, en vaak spelen meerdere factoren tegelijk. Vaginale droogte is een van de meest voorkomende, zeker na de bevalling, bij borstvoeding of tijdens de overgang; lees daarover ook onze pagina over menopauzeklachten. Infecties zoals een candida-infectie of andere vaginale infecties maken het slijmvlies geïrriteerd en gevoelig. Diepe pijn kan wijzen op endometriose, een ontsteking in het kleine bekken, cysten of vleesbomen. Bij vaginisme spannen de spieren rond de vagina zich onwillekeurig op, waardoor binnendringen pijnlijk of onmogelijk wordt. Ook een overactieve bekkenbodem, littekens na een bevalling, huidaandoeningen van de vulva en psychologische factoren zoals stress, angst of negatieve seksuele ervaringen kunnen meespelen. Pijn en spierspanning versterken elkaar bovendien: wie pijn verwacht, spant onbewust op, wat de pijn verergert.
Veel vrouwen lopen jaren rond met deze klacht zonder er met iemand over te praten, uit schaamte of in de veronderstelling dat het erbij hoort. Ondertussen zet de pijn vaak druk op de relatie en op het eigen welzijn. Weet dat gynaecologen deze klacht dagelijks horen en er zonder oordeel mee omgaan. U kunt in België rechtstreeks een afspraak maken, zonder doorverwijzing. Vertel de arts waar de pijn zit, wanneer ze optreedt en sinds wanneer: die informatie stuurt het onderzoek. Twijfelt u nog, lees dan onze pagina wanneer naar de gynaecoloog.
De gynaecoloog begint met een gesprek en een voorzichtig gynaecologisch onderzoek, waarbij u steeds mag aangeven wat wel en niet comfortabel is; het onderzoek kan aangepast of uitgesteld worden als het te pijnlijk is. Vaak volgen een staalname om infecties uit te sluiten en een echografie om de baarmoeder en eierstokken te bekijken. Bij vermoeden van endometriose kan verder onderzoek nodig zijn. Een raadpleging bij een geconventioneerde gynaecoloog kost ongeveer € 35, met circa € 12 remgeld na tussenkomst van het ziekenfonds (€ 3 bij verhoogde tegemoetkoming); niet-geconventioneerde artsen rekenen € 60 tot € 120 aan.
De behandeling richt zich op de oorzaak. Een infectie wordt behandeld met medicatie, droogte met glijmiddel, vaginale bevochtigers of lokale oestrogenen, en endometriose met hormonale therapie of een ingreep. Bij vaginisme en een overactieve bekkenbodem is bekkenbodemtherapie bij een gespecialiseerde kinesitherapeut vaak de sleutel: u leert de spieren herkennen, ontspannen en geleidelijk weer vertrouwen opbouwen, soms met behulp van pelotes (oefenstiften). Omdat lichaam en beleving hier sterk verweven zijn, werkt de gynaecoloog geregeld samen met een seksuoloog of psycholoog in een multidisciplinaire aanpak. Die combinatie geeft bij de meeste vrouwen een duidelijke verbetering, al vraagt het soms wat tijd en geduld.
Deze informatie is algemeen en vervangt geen persoonlijk advies. Raadpleeg altijd uw gynaecoloog of huisarts voor een diagnose en behandeling op maat.
Blijf niet zitten met pijn bij het vrijen. Vind een gynaecoloog bij u in de buurt →